De zeven hoofdzonden

Wes Holleman | 29-09-2009 | 1 Reactie » | permalink

In 1997 schreef Michael Lewis het schotschrift ‘Poisoning the Ivy: the Seven Deadly Sins’, waarin hij de verloedering van het Amerikaanse hoger onderwijs aan de kaak stelde. Een van de zonden die hij noemt is Harassment & Exploitation: seksueel getinte schending van de professionele gezagsrelatie. Times Higher Education (THE 17/9/2009) heeft deze Amerikaanse exercitie herhaald met een lichtvoetig overzicht van zeven hoofdzonden in het Britse hoger onderwijs. Terence Kealey, conrector van the University of Buckingham, nam het hoofdstuk Seksuele Begeerte voor zijn rekening. Volgens hem behoort de aanwezigheid van mooie, jonge vrouwen tot de leuke extraatjes van het docentenbestaan. Zijn ethische uitgangspunt: verlustig je in de aanblik, maar raak haar niet aan. Hij deelt dus de mening van psychologie­docenten die daarover geënquêteerd zijn door Tabachnick (1991): je mag je seksueel aangetrokken voelen tot studenten en je mag je zelfs aan seksuele fantasieën overgeven, zolang je er maar geen werk van maakt.
Doch vele Britse lezers (ook in The Guardian, 23/9/2009) reageren verontwaardigd: dit is onprofessioneel! Ik ben het tot op zekere hoogte met hen eens. Het is menselijk om te genieten van de aanblik van vrouwelijk of manlijk schoon, maar een docent handelt onprofessioneel als hij (zij) dat jegens de betrokkenen laat blijken. En dat is wat Terence Kealey, zij het indirect, gedaan heeft. Hij had moeten inzien dat het ongepast is via THE uit te bazuinen dat hij in opwinding raakt door de aanblik van (sommige) vrouwelijke studenten. Met deze publieke uitlatingen verstoort hij de pro­fessionele relatie die hij jegens hen behoort te onderhouden. In zijn buitenprofes­sionele mannenrol mag hij zich in het spel der seksen vermeien, maar in zijn rol van professionele docent moet hij zich sekse-neutraal opstellen.
Zie ook: THE 23/9/2009; Holleman 2006 (pp. 17, 109-12, 149)

Staking tegen lange, gebroken lesdagen

Wes Holleman | 28-09-2009 | permalink

De bovenbouwleerlingen (havo/vwo) van het christelijke Martinus College in Grootebroek hebben vrijdag jongstleden gestaakt. Ze verzamelden zich om 12 uur, aan het begin van de tweede pauze, op het schoolplein om te demonstreren tegen hun lesroosters: veel lege tussenuren, op vele dagen pas om 16:40 uur naar huis, en ‘s avonds nog blokken op je huiswerk. Ze hielden spreekkoren en weigerden aan het eind van de pauze naar hun leslokaal terug te keren. De school sloot daarop de hekken en deuren, en de afdelingsleidster nam hun spandoek in beslag, hoewel de demonstratie ruim tevoren was aangekondigd. Dat ging uiteraard niet zonder slag of stoot.
De directe aanleiding voor de staking was dat de schoolleiding weliswaar beloofd had de roosters te verbeteren maar dat die belofte nauwelijks werd ingelost. Bovendien zijn de voorzieningen om de tussenuren nuttig te besteden volstrekt onvoldoende, zeker voor diegenen die ongestoord willen studeren of die ongestoord willen samen­werken bij het maken van hun huiswerk. Ook is men ontevreden over het feit dat men (als het tegenzit) meer dan acht klokuren op school wordt vastgehouden (van 8:20 tot 16:40 uur), terwijl de beide pauzes (elk 30 minuten) in de eerste vier klokuren gecon­centreerd zijn. De schoolleiding gaat ervan uit dat een wekelijks aantal tussenuren van 8×50 minuten niet onredelijk is. Dat wil zeggen: gemiddeld 80 minuten leegloop per lesdag, bovenop de tijd die door het schrappen van het eerste lesuur of de eerste twee lesuren kan weglekken.
Bron: Noord-Hollands Dagblad 25/9/2009

Regels en vertrouwen moeten beter in balans

Wes Holleman | 25-09-2009 | permalink

KPMG Accountants heeft onlangs een studiepakket uitgebracht om studenten in te wijden in moderne grondslagen van de bedrijfsethiek. Uit onderzoek blijkt namelijk dat een aanzienlijk aantal bedrijven ontevreden is over het normbesef van aankomende managers. Het pakket komt voort uit een project waarin nieuwe wegen worden gezocht om integer handelen binnen bedrijven te bevorderen. Vroeger dacht men te kunnen volstaan met het opstellen van een ethische bedrijfscode. Toen dat niet hielp, koos men strakke regelgeving en controle om ‘compliance’ af te dwingen. Maar dat is eveneens een heilloze weg. In 2008 publiceerde KPMG een manifest tegen Hypegiaphobia: de angst om medewerkers eigen verantwoordelijkheid te geven. In plaats van de zaak met regels dicht te timmeren, moeten bedrijven proberen een ondernemingscultuur tot stand te brengen die op vertrouwen gebaseerd is. Geen blind vertrouwen, maar een cultuur waarin een optimale balans tussen regelgeving en eigen verantwoordelijkheid geschapen wordt. In 2009 werd dit geconcretiseerd in negen Trust Rules, voor ondernemingen ‘which are ready to be ruled by trust’.
Lees verder … (PDF)

Slechthorende apothekersassistent (II)

Wes Holleman | 23-09-2009 | 1 Reactie » | permalink

Moet de slechthorende student Herman in staat worden gesteld het MBO-diploma Apothekersassistent te halen? Die gewetensvraag werd aan de orde gesteld in een eerder bericht op deze site (5/11/2008). Momenteel is dit diploma voor hem geblokkeerd omdat hij ten gevolge van zijn functiebeperking niet de competenties heeft om soepel met klanten om te gaan. In een recente kamermotie (15/4/2009) is gevraagd een plan op te stellen teneinde dit soort problemen aan te pakken. In antwoord daarop bericht het ministerie van OCW vandaag in een kamerbrief (23/9/2009) dat het CINOP subsidie heeft gekregen voor een project om problemen en mogelijke oplossingen voor gehandicapte studenten te inventariseren. Maar het ziet er niet naar uit dat het kernprobleem van Herman serieus genomen zal worden. De kern van competentiegerichte examinering, zoals toegepast in het MBO, is dat je geen beroepsdiploma krijgt als je niet over de competenties beschikt die nodig zijn voor álle functies waartoe het diploma toegang geeft. Een slechthorende is niet geschikt voor baliefuncties, dus hij krijgt geen diploma, ook al is hij wél geschikt voor functies in een back-office. De Commisie Gelijke Behandeling (2008 p.26-27) vindt dat problematisch.

Talentontwikkeling

Wes Holleman | 21-09-2009 | permalink

Oud-onderwijsinspecteur Joop Smits heeft een boekje geschreven over talent­ontwikkeling op de basisschool: ‘Excelleren inspireert’ (ISBN 9789081431316). Het is gebaseerd op zijn onderzoek naar 112 basisscholen in Midden-Brabant. Zelfs op scholen die naar de maatstaven van de Onderwijsinspectie excellent worden genoemd, heeft één op de tien leerlingen aan het eind van de basisschool een ernstige achterstand op het gebied van lezen, taal en rekenen. En bij leerlingen die aanvankelijk een leervoorsprong van negen maanden hadden, is die voorsprong aan het eind van de basisschool naar 3 à 4 maanden geslonken. Zijn conclusie: scholen halen niet uit hun leerlingen wat erin zit.
Bron: Besturenraad 16/9/2009, De Telegraaf 18/9/2009

Nare ervaring van exchange student

Wes Holleman | 20-09-2009 | permalink

Ze is Brits staatsburger en studeert Rechten aan een universiteit nabij Manchester. Afgelopen studiejaar volgde ze European Law in Maastricht. Dat ging prima. Een praktisch probleempje was wel dat er geen gebedsruimte was, want als vrome moslima is ze gewend vijfmaal per dag te bidden. So far so good. Maar half mei organiseerde de faculteitsvereniging Ouranos een debat over (de grenzen van) de vrijheid van meningsuiting. Er werden overal posters opgehangen, geïllustreerd met de bekende Deense cartoon van Mohammed-met-tulbandbom. Om het kwetsende karakter van de spotprent aan te dikken, was over de cartoon heen een heilige korantekst in het Arabisch geprojecteerd. Ze vond dat schokkend. Het afbeelden van mensen in de context van de Koran, dat is voor een belijdende moslim erger dan harde pornografie.
Kijk dan niet, zou je zeggen, maar ook in de werkgroepruimten waren die posters opgehangen. Wie het woord tot de docent richtte, werd zijns ondanks met deze blasfemische poster geconfronteerd. Ze schreef een protestbrief naar Ouranos, die onbeantwoord bleef. Daarop stuurde ze een afschrift naar de decaan. Toen deze evenmin iets van zich liet horen, publiceerde ze haar brief in het universitaire weekblad. Uiteindelijk werd ze door de decaan met een lullig briefje afgepoeierd en ondertussen kreeg ze onbegrip en hoon van medestudenten en van Geen Stijl te verduren.
Terug in Engeland is ze een nare ervaring rijker: in Nederland moet je niet wezen. En ik geloof dat ze gelijk heeft. De faculteitsvereniging Ouranos heeft zich onvoldoende gerealiseerd dat zij ook vrome moslims onder haar leden telde. Zij handelde on­zorgvuldig door een poster te publiceren waarmee zij hen onnodig in hun religieuze gevoelens kon kwetsen. En de faculteit handelt ronduit onprofessioneel en onbe­hoorlijk als zij onderwijsdeelnemers tijdens de lessen aan blasfemische of obscene boodschappen blootstelt die niets met de behandelde stof te maken hebben. De decaan had Ouranos daaromtrent schriftelijk moeten berispen en jegens haar had hij zijn excuses moeten aanbieden.
Bron: Muslim Channels TV 1/9/2009, Observant 17/9/2009, Mtricht.com 17/9/2009
Vergelijk ook: Schennis van de eerbaarheid

Een meisje in een jongenslijf

Wes Holleman | 19-09-2009 | permalink

Op de basisschool werd hij erg gepest omdat hij zich meisjesachtig gedroeg. Ze was een meisje in een jongenslijf. Toen ze dit jaar naar de middelbare school zou gaan, hakte ze samen met haar ouders de knoop door. Ze veranderde haar voornaam bij de Deed Poll Service, nam een meisjeskapsel en trok meisjeskleren aan. De nieuwe school werd ingelicht en ze kreeg een eigen kleedkamer voor gymnastiek. Maar dat ging natuurlijk niet onopgemerkt. Brugklassers uit haar oude school roerden de jungletrom. Was hij soms een homo? De nieuwe school belegde in allerijl een leerlingenbijeenkomst en ook de ouders werden geïnformeerd. De leerlingen kregen te horen dat ze streng gestraft zouden worden als ze haar nieuwe identiteit niet respecteerden. Voor sommige leerlingen was het een traumatische ervaring. Ouders zijn ver­ontwaardigd dat ze niet tevoren waren ingelicht zodat ze hun kinderen erop hadden kunnen voorbereiden. Het meisje heeft zich inmiddels ziek gemeld en haar ouders krijgen dreigbrieven.
Paperopdracht voor leraren in opleiding: ontwerp een stappenplan dat door het ouderpaar en de nieuwe school gevolgd had kunnen worden om het transformatie­proces zo soepel mogelijk te doen verlopen.
Bron: The Sun 18/9/2009

Een lector Onderwijsethiek

Wes Holleman | 17-09-2009 | permalink

Petra Ponte is aangetreden als lector bij de faculteit Educatie van de Hogeschool Utrecht. Ze is geïnterviewd door Femke Bakkeren (Trajectum 17/9/2009). Ponte onderzoekt interacties tussen leraar en leerling, maar ‘niet in moraliserende zin; dus niet hoe hoort het, maar wel wat gebeurt er en waarom?’ Ook al wordt er niet gemoraliseerd, toch kan men dit nieuwe lectoraat, naar mijn indruk, als Praktische Onderwijsethiek karakteriseren. En dat mag best in de krant.
Petra Ponte doet praktijkonderzoek naar reflectief, waardengestuurd leraarsgedrag: ‘Mijn rode lijn is rechtvaardig onderwijs. Misschien omdat ik uit een sociaal-democratisch nest kom, waarbij de humanistische levensfilosofie hoog in het vaandel stond. Maar ook omdat ik al vlug zag hoe kwetsbare leerlingen – vaak onbedoeld – in de verdrukking komen, zich ongelukkig voelen, [zich] niet gekend weten in het onder­wijs. Dat juist ook kwetsbare kinderen recht hebben op goed onderwijs en daar zijn geen pasklare antwoorden voor. Daarvoor moeten we de durf hebben om samen met het veld gebaande paden te verlaten, alternatieven te zoeken en – omdat het zo com­plex is – steeds de consequenties van ons handelen te onderzoeken. In de Neder­land­se wetenschappelijke wereld is daar momenteel niet altijd ruimte voor en mijn inter­nationale werk heeft me hierbij dan ook enorm gestimuleerd. In bijvoorbeeld Scandinavië en Australië is er veel meer ruimte voor de fundamentele discussie over democratie in het onderwijs; de vraag naar het “waarom” en “waartoe” wordt veel meer gesteld.’
‘We willen vooral laten zien dat zich in de dynamiek van de dagelijkse praktijk dilemma’s voordoen, waar geen pasklaar antwoord op is.’ Leraren in opleiding moeten ‘niet alleen vaardigheden leren en literatuur lezen waarin staat wat ze moeten doen en hoe ze dat moeten doen, maar ook waarom ze dat zouden moeten doen; waarom ze bijvoorbeeld iets in het belang van de leerlingen vinden en hoe anderen daarover denken. In feite dus weer meer aandacht voor onderwijs­filosofie.’

Educatieve boerderij en slachtbank

Wes Holleman | 16-09-2009 | permalink

Yahoo News publiceerde het volgende nieuwsbericht van Reuters, dat vervolgens in discussie is genomen door Livejournal (14/9/2009). Een basisschool in Kent heeft een educatieve boerderij opgezet. Doel van het project is leerlingen kennis te laten maken met alle aspecten van het fokken van kleine landbouwhuisdieren en gezelschaps­dieren. Het lam Marcus (inmiddels gecastreerd) is sinds zijn geboorte op de boerderij. Het is nu zes maanden oud. Een bedrijfs­matige fokker kiest in zo’n geval voor slachten. Die keuze was in feite al ingezet met de castratie. Maar het vonnis wordt aan de leerlingenraad overgelaten. Zij sturen het dier inderdaad naar het abattoir en willen van de opbrengst een big kopen. En zo is geschied. Vraag: heeft de educatieve projectleiding onprofessioneel gehandeld?
Lees verder … (PDF)

Professionele ruimte

Wes Holleman | 15-09-2009 | 2 Reacties » | permalink

Het ministerie van OCW heeft een onderzoek laten doen naar de mate waarin leraren/docenten in het basis- en voortgezet onderwijs en in het middelbaar en hoger beroepsonderwijs voldoende professionele ruimte gegund wordt. Uit een oogpunt van beroepsethiek is de professionele ruimte van groot belang: worden leraren/docenten niet belemmerd om overeenkomstig de geldende professionele ‘standards’ te handelen?
Het onderzoek is verricht door ResearchNed te Nijmegen en het resulterende rapport De zeggenschap van leraren is nu vrijgegeven. In een nieuwsbericht (15/9/2009) heeft het ministerie de resultaten samengevat. Zo is een opvallende uitkomst dat minder dan de helft van de MBO-docenten tevreden is over hun zeggenschap op het gebied van toetsing en beoordeling (p.19).