Andere bijdragen van studenten (II): tijdige voorlichting gewenst

Nog dertig nachtjes slapen, en dan weten de studenten welke eigen bijdragen ze aanstaand studiejaar moeten betalen bovenop het collegegeld van hun universiteit of hogeschool. Althans, dat zouden ze mogen verwachten, want per 1 september is het nieuwe artikel 7.50 van de hogeronderwijswet en de bijbehorende ministeriële regeling van kracht. Na die datum mogen aan studenten geen eigen bijdragen voor de deelname aan onderwijsvoorzieningen in rekening worden gebracht, tenzij dat met zoveel woorden is gereglementeerd en vastgesteld door of namens het instellingsbestuur.
Neem bijvoorbeeld de studenten die Aardwetenschappen studeren (of gaan studeren) aan de Universiteit Utrecht. De UU heeft haar reglementen altijd goed op orde, maar haar huidige regels zijn niet meer up-to-date. Dat geldt zowel voor haar Leidraad Extra Bijdragen Naast Collegegeld d.d. 5/7/2016 (die jaar-in-jaar-uit op haar website gepubliceerd wordt) als voor de Financiële Regeling Veldwerk (d.d. november 2019) van de opleiding Aardwetenschappen. Afgezien van de onzekerheden rond COVID-19, worden de geologiestudenten in het licht van de nieuwe wettelijke regels met de volgende vragen geconfronteerd:
a) Worden de meerdaagse excursies en meerweekse veldwerkprojecten beschouwd als onderwijsexcursies (c.q. practica) in de zin der wet en maken zij deel uit van de opleiding?
b) Komen de reis-, verblijfs- en maaltijdkosten voor rekening van de UU of maakt het instellingsbestuur gebruik van de wettelijke mogelijkheid deze kosten als eigen bijdrage aan de deelnemer door te berekenen?
c) Voldoet de faculteit aan haar wettelijke plicht studenten in de Onderwijs- en Examenregeling een kosteloos alternatief te bieden of heeft zij vastgesteld dat zo’n alternatief onmogelijk is?
d) Onder welke voorwaarden kunnen studenten financiële ondersteuning van de UU verkrijgen voor het betalen van de eigen bijdrage?
Bron: het nieuwe artikel 7.50 WHW en de Ministeriële Regeling

3 reacties op “Andere bijdragen van studenten (II): tijdige voorlichting gewenst

  1. Wes Holleman zegt:

    Een ander chapiter is de studiekeuzevoorlichting t.b.v. potentiële en aspirant-studenten. Zij mogen verwachten dat universiteiten en hogescholen hen tijdig en waarheidsgetrouw voorlichten over de kosten en risico’s die verbonden zijn aan de desbetreffende opleiding, waaronder de te verwachten extra studiekosten, de te verwachten studieduur en het risico op studiestaking.

  2. Wes Holleman zegt:

    De Nationale Onderwijsgids heeft vandaag, 4 augustus, een nieuwsprimeur. Bij mijn weten als eersten in den lande, hebben de journalisten van de NOG vandaag op hun website bericht over het nieuwe artikel 7.50 WHW en de bijbehorende ministeriële regeling die op 1 september van kracht worden. Sinds 1 juli heeft het ministerie daaraan ook geen nadere publieke bekendheid gegeven. Betrokken partijen zoals de onderwijsinspectie, de VSNU en de LSVb hebben daarover tot nu toe ook geen update op hun websites aangebracht.

  3. Wes Holleman zegt:

    Het werd tijd. Op 2 september bericht OCW dat “studenten en instellingen [per 1 september] meer duidelijkheid (krijgen) over voor welke kostensoorten hoger onderwijsinstellingen – naast het collegegeld – een bijdrage mogen vragen van (aspirant-)studenten.” Maar het ministerie neemt niet de moeite daarbij even te vermelden waar studenten die duidelijkheid in wet- en regelgeving kunnen verwerven.