De januskop (II)

Minister Plasterk gaat niet alleen over hoger onderwijs maar ook over wetenschaps­beleid. Onlangs kwam hij met een nieuw plannetje voor de universiteiten: ‘invoering van de Akademie-assistent om getalenteerde studenten van “de tap naar het lab” te halen [teneinde] ervoor te zorgen dat ze bijbaantjes die niets met wetenschap te maken hebben kunnen inruilen voor een assistentschap in een academische werk­omgeving, uiteraard tegen een vergoeding. En dat assistentschap moet dan interes­sant en uitdagend worden ingevuld. De komende vier jaar stel ik hiervoor een subsidie van 1 miljoen op jaarbasis beschikbaar. Alle faculteiten van de Nederlandse univer­siteiten kunnen hier voor alle wetenschappelijke disciplines op inschrijven. We willen hiermee testen of de Akademie-assistent een goed idee is en zo ja, hoe we die functie dan kunnen verankeren.’
Lees verder … (PDF)

Eén reactie op “De januskop (II)”

  1. Wes Holleman zegt:

    Blijkens een nieuwsbericht van Hein Cuppen (HOP), gepubliceerd in het Maastrichtse universiteitsblad Observant (4/9/2008), is het voorstel tot het invoeren van Akademie-assistentschappen afkomstig van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen (15/6/2007). Gespeld dus met een k en niet met een c. De KNAW dacht daarbij aan getalenteerde masterstudenten, die bijvoorbeeld een jaar lang één dag in de week tegen betaling zouden meedraaien in het project van een excellente, geïnspireerde (en inspirerende!) onderzoeker. Met een rijksbekostiging van 5 miljoen euro per jaar zouden zodoende jaarlijks 750 assistenten geplaatst kunnen worden. Het tegenbod van de minister is 1 miljoen per jaar (dus jaarlijks 250 assistenten).