Een gevoelig onderwerp (III)

Charles Negy geeft colleges over Cross-cultural Psychology en Cross-cultural Psycho­therapy. Hij trekt volle zalen in de University of Central Florida. De bedoeling is dat studenten over hun eigen culturele grenzen leren heenkijken en dat ze sensitiviteit en openheid ontwikkelen jegens opvattingen en gewoonten van mensen uit andere culturen of subculturen. Uiteraard komt de docent daarbij ook te spreken over de psychologische mechanismes die men moet doorbreken om De Ander in z’n waarde te laten, zoals etnisch of religieus fanatisme, blind geloof in het eigen gelijk en intolerantie jegens de ‘verfoei­lijke’ opvattingen van andersdenkenden. Maar in vorige jaren had hij al gemerkt dat hij met zijn vertoog sommige studenten tegen de haren strijkt. Met name het etiket ‘religieus fanatisme’ wordt niet in dank aanvaard.
Dit keer liepen de emoties hoog op tijdens het college. Een stuk of tien studenten kwamen woedend in opstand: met de term ‘fanatisme’ doet u ernstig onrecht aan onze christelijke opvattingen, die toch verreweg superieur zijn aan het gedachtengoed van andere religies! OK, repliceerde de docent opgewekt, leg dat dan maar eens uit, waarom het christelijke gedachtengoed superieur is. Dat antwoord maakte de betrokken studenten nog kwaaier. Eén van hen riep de aanwezigen op, de discussie verder maar te boycotten. En het bleef nog lang onrustig in de zaal… Nadien stuurde de docent een lange e-mail naar alle cursusdeelnemers waarin hij het gedrag van de fanatieke opstandelingen nog eens kritisch evalueerde in het licht van de doelen van de cursus.
De vraag rijst of de docent er verstandig aan heeft gedaan een polariserende strategie te kiezen om zijn boodschap bij de christenactivisten over het voetlicht te krijgen. Had hij dit — kennelijk gevoelige — onderwerp niet op een minder confron­terende manier kunnen behandelen? Welke didactische werkvormen zou hij daartoe kunnen kiezen in het volgende semester?
Bron: Inside HigherEd (21/8/2012), Huffington Post (16/8/2012), Reddit (15/8/2012).

Eén reactie op “Een gevoelig onderwerp (III)”

  1. Wes Holleman zegt:

    De docent stelt de ‘arrogantie’ aan de kaak van diegenen die het tot hun taak zien om de Goede Boodschap vóór te leven en uit te dragen en om heidense (c.q. afgedwaalde) zondaars te vermanen en op het rechte pad te brengen. Hun missie botst met de ideologische uitgangspunten van de cursus Cross-cultural Psychology. De docent staat nu voor een dilemma: moet ik deze christenactivisten als De Ander bejegenen, die recht heeft op mijn cross-culturele respect, of moet ik hen trachten te bekeren tot mijn ruimhartige cross-culturele uitgangspunten (hetgeen zou betekenen dat ik hen als zondaars bejegen die mijn superieure uitgangspunten verguizen)? Volgens mij is het in didactisch opzicht het meest vruchtbaar als de docent dit didactische dilemma zou oplossen door christenactivisten tegemoet te treden met de conclusie dat ze voor een ethisch dilemma staan: moeten we De Ander in zijn anders-zijn aanvaarden (alternatief I) of moeten we hem liefdevol vermanen en op Ons Rechte Pad brengen (alternatief II)? Maar vervolgens moeten ze onderzoeken in hoevere ze bij de keuze van alternatief II in strijd komen met de ethische code waaraan professionele beroepsbeoefenaren (zoals psychotherapeuten) onderworpen zijn.