Een openbaar Register Nevenfuncties

Minister Plasterk wil bevorderen dat elke universiteit een openbaar register van de nevenfuncties van haar hoogleraren bijhoudt (De Volkskrant 14/4/2008). Hij wil dus dat ze hun eigen gedragscode serieus nemen. De Nederlandse Gedragscode Weten­schapsbeoefening zegt immers: ‘De wetenschapsbeoefenaar laat zich bij zijn weten­schappelijke activiteiten leiden door geen ander belang dan het wetenschappelijk belang. Hij is altijd bereid zich daarvoor te verantwoorden. (…) Iedere universiteit registreert [daartoe] de voor de wetenschapsuitoefening relevante nevenfuncties van zijn werknemers. Dit register is bij voorkeur openbaar. Iedere aan een universiteit verbonden wetenschapsbeoefenaar stelt een actueel overzicht van zijn nevenfuncties ter beschikking ten behoeve van [deze] registratie.’ In dit verband wordt onder wetenschaps­beoefening verstaan: ‘wetenschappelijk onderwijs en onderzoek aan alle universiteiten in Nederland.’
Lees verder … (PDF)

5 reacties op “Een openbaar Register Nevenfuncties”

  1. onderwijsethiek.nl » Blog Archive » Wageningen maakt sponsors openbaar zegt:

    […] met de financiers van al haar bijzondere leerstoelen. Bovendien gaat zij bekijken of een openbaar Register Nevenfuncties van al haar hoogleraren haalbaar is (Resource 17/4/2008). Zo’n register kan bijdragen aan de […]

  2. Wes Holleman zegt:

    Universiteitsbestuurder Lundqvist (T.U. Eindhoven) vindt dat deeltijdhoogleraren door Plasterk in een ‘vals daglicht’ worden geplaatst, door zijn eis dat hun nevenfuncties in een openbaar register gepubliceerd worden teneinde het vertrouwen in de belangeloosheid van hun wetenschapsbeoefening te schragen (Financieel Dagblad 2/5/2008, geciteerd door Cursor 8/5/2008). Plasterk beweert niet dat deeltijdhoogleraren meer dan andere stervelingen geneigd zijn dingen te doen die het daglicht niet velen. Zijn uitgangspunt is noblesse oblige. Aan wetenschappers is een belangrijke maatschappelijke taak toevertrouwd en ze genieten een grote mate van professionele autonomie in de uitvoering ervan. De professionele verplichting die daar tegenover staat is dat ze zich bereid tonen verantwoording af te leggen over de integriteit van hun taakvervulling. In het openbare register verschaffen ze opheldering over de mogelijke verleidingen waartegen ze zich als integere professional teweerstellen.

  3. Wes Holleman zegt:

    Het ministerie publiceerde op 26/9/2008 een VSNU-brief over de registratie van nevenfuncties.

  4. Wes Holleman zegt:

    De staatssecretaris stelt in antwoord op kamervragen (25/10/2011): ‘Ik deel de opvatting dat nevenfuncties [van hoogleraren] in principe openbaar moeten zijn. Instellingen moeten hierop echter uitzonderingen kunnen maken wanneer daarvoor zwaarwegende redenen zijn, zoals het belang van de bescherming van de veiligheid en persoonlijke levenssfeer van hun medewerkers.’ Met een dispensatiemogelijkheid omwille van ‘bescherming van de persoonlijke levenssfeer’ wordt het principe van openbaarheid naar mijn oordeel geheel om zeep gebracht.

  5. Wes Holleman zegt:

    Op de website van De Onderzoeksredactie (25/11/2014) publiceren onderzoeksjournalisten over de nevenfuncties van hoogleraren. Ook een link naar de Kamervragen (1/12/2014) van Jasper van Dijk dienaangaande.