Kamerbrief studiefinanciering (II):
maatwerk voor werkstudenten

Ruim een kwart van de w.o.- en hbo-studenten geniet momenteel niet alleen een basisbeurs, maar ook een aanvullende beurs op grond van geringe draagkracht van hun ouders. Dat bericht PvdA-minister Bussemaker in haar recente kamerbrief (p. 6). Bij het wegvallen van de basisbeurs kunnen zij dus geen extra maandgeld van hun ouders verwachten. Bovendien zijn er velen die géén recht op een basisbeurs hebben: zij hebben het toegestane aantal beursjaren opgebruikt of komen überhaupt niet voor een basisbeurs in aanmerking (vanwege het feit dat ze boven de dertig zijn of omdat ze een deeltijd­opleiding c.q. afstandsonderwijs volgen). Onder deze niet-bursalen zijn eveneens velen die niet bij hun ouders kunnen aankloppen. Na de afschaffing van de basisbeurs is dus een groot aantal studenten voor hun studiefinanciering aangewezen op een lening of op een arbeidsinkomen uit werkstudentschap.
Vijf maanden geleden betoogde de tweedekamerfractie van de PvdA dat ‘voor deeltijd­studenten maatwerk nodig is, omdat zij leren combineren met werken of [met] de zorg voor een gezin’ (28/8/2012). Inmiddels heeft de PvdA regeringsverantwoorde­lijkheid genomen voor de afschaffing van de basisbeurs. Als sociaal-democratische partij moet zij dan de consequentie nemen en beleidslijnen uitzetten om studerende werknemers, studerende ouders en kinderen van minder draagkrachtige ouders in staat te stellen hun studie met een betaalde parttime baan te combineren:
Lees verder … (PDF)

3 reacties op “Kamerbrief studiefinanciering (II):
maatwerk voor werkstudenten”

  1. Wes Holleman zegt:

    Maar waarom niet gewoon lenen bij DUO, die investering haal je er toch dubbel en dwars uit als je een h.o.-diploma op zak hebt? Wedervragen:
    a) Er zijn h.o.-diploma’s waar die investering niet of nauwelijks loont. Zou u een indicatie kunnen geven welke h.o.-diploma’s een lage marktwaarde hebben?
    b) Hoeveel procent van de bezitters van een h.o.-diploma haalt de investering er niet uit ten gevolge van werkloosheid, werkkring lager dan opleidingsniveau, parttime werkkring? Is er in dit opzicht een verschil tussen mannen en vrouwen?
    c) Lang niet alle studenten die het h.o. instromen, halen een h.o.-diploma: hoe hoog is het risico voor aankomende studenten dat ze nooit een h.o.-diploma halen en dat ze dus geen enkel rendement uit hun investering trekken? En hoe ligt dat percentage voor degenen die een masteropleiding instromen?
    d) Welke categorieën studenten komen niet in aanmerking voor een DUO-lening? Om hoeveel studenten gaat het?
    e) Hoe vaak komt het voor dat lenen geen reële optie is omdat de betrokkene een goed betaalde baan (of een eigen onderneming) heeft die hij of zij niet zomaar kan opgeven?

  2. Wes Holleman zegt:

    In de Verenigde Staten luidt men de noodklok over het feit dat de hogeronderwijsinstellingen te weinig doen aan het bevorderen van studiesucces van non-traditional students (waaronder werkstudenten) en aan het voorkomen van dropout, bericht Tamar Lewin in de NY Times (24/1/2013). Haar bronnen: An Open Letter to College and University Leaders en The American dream 2.0.

  3. Wes Holleman zegt:

    Gerrit de Jager (Science Guide 23/1/2013) legt uit waarom het voorgestelde sociaal leenstelsel niet sociaal genoeg is. Hij richt de blik op eerstegeneratiestudenten, die vaak niet op hun ouders kunnen terugvallen en die geen sociaal netwerk hebben om een goedbetaalde baan te bemachtigen.