Naar een exitstrategie

De po- en vo-leerlingen zitten nu ruim een maand thuis en de meesten willen dolgraag weer naar school. Maar de vraag is wanneer de Regering daartoe groen licht geeft. Zij laat zich hierover adviseren door de deskundigen van het Outbreak Management Team. Maar behalve door virologische overwegingen laat de Regering zich ook door economische en maat­schappe­lijke belangen leiden. Het zou bijvoorbeeld mooi zijn als de basisscholen en de buiten­schoolse opvang snel kunnen worden opgestart, want dan kunnen de ouders zich weer voor de volle 100% aan hun betaalde werkzaamheden wijden. Bovendien is het basisonderwijs essentieel om alle leerlingen gelijke kansen op een optimale schoolloopbaan te bieden en om hen daarop gedegen voor te bereiden.
Anderzijds hebben kinderen onder de dertien jaar, vergeleken met hun oudere broers en zusters, weinig te lijden van het corona­regiem. Volgens de overheidsregels d.d. 23 maart hoeven ze noch binnen- noch buitenshuis de 1,5 meter afstand in acht te nemen, en ze mogen (onder toezicht van ouders of voogden) buitenspelen. Volgens de voorzitters van de 25 veiligheidsregio’s moet de Regering zich veeleer zorgen maken over de jongeren bóven de twaalf jaar (WNL.tv 18/4/2020). In elk geval tot 28 april wordt van hen verwacht dat ze zoveel mogelijk thuis blijven en slechts spaarzaam bezoek ontvangen. Niet alleen is hun school gesloten, maar ook hun betaalde baantjes en hun sportactiviteiten zijn opgeschort. Samenscholing van twee of meer personen in de publieke ruimte is verboden, tenzij de veilige afstand van 1,5 meter in acht wordt genomen. Voorzitter Bruls van het 25-koppige Veiligheidsberaad stelt dat deze maat­regelen na 28 april geleidelijk voor jongeren versoepeld moeten worden, want ze zijn voor hen steeds moeilijker vol te houden.
Voor jongeren van middelbareschoolleeftijd is de school en de sportclub een belangrijk tref­punt. Ze wonen verder weg van hun vrienden, vergeleken met de buurt- en wijkgebonden sociale horizon van kinderen in de basisschoolleeftijd. Door de lockdown dreigen ze te ver­eenzamen en dat risico neemt toe als er binnen het afstandsonderwijs te weinig ruimte wordt gecreëerd voor sociale interactie met klasgenoten. In Education Week (16/4/2020) wordt door twee ontwikkelingspsychologen uitgelegd dat jongeren van middelbareschoolleeftijd (adoles­centie en pre-adolescentie) in hun ontwikkeling worden geschaad als ze, ingesloten in het ouderlijke gezin, worden afgesneden van hun eigen sociale kring van vrienden, vriendinnen en leeftijdgenoten.
En dan is er ook nog die vergeten groep: de bewoners van studentenflats en studentenhuizen. Het zijn kamerbewoners die samen met z’n tienen een keuken, douche en wc en vaak ook een woonkamer en een balkonterras of tuin delen. De juridische vraag is of zij, net als een gezin, een huishouden vormen. Of moeten ze gewoon worden beboet als ze niet de veilige afstand van 1,5 meter in acht nemen? Er zijn al bewoners getroffen door een boete van 390 euro. Advocaat Justin Kötter maakt zich daar boos over, vooral ook omdat het hier om een strafbeschikking gaat, die op je strafblad komt.

2 reacties op “Naar een exitstrategie”

  1. Wes Holleman zegt:

    Ik ben begonnen in La Peste van Albert Camus, gepubliceerd in 1947. Camus is geboren en getogen in Algerije, maar verhuisde omstreeks het begin van WO-II naar Frankrijk. De roman speelt omstreeks 1941-1942 in de havenstad Oran. Er woedde toen inderdaad een epidemie in die contreien, maar het ging om vlektyfus en niet om de pest.
    Toen de pestepidemie ter plaatse uitbrak, aldus de roman, werd de stad hermetisch van de buitenwereld afgegrendeld. Niemand kon er meer in of uit. Mevrouw Castel was op dat moment uitstedig en zij was één van de weinigen die bij de Préfecture verzocht zich bij haar echtgenoot te mogen voegen, terwijl ze wist dat deze keuze onherroepelijk was. Omgekeerd verbleef de journalist Rambert toevallig in de stad; tijdens de lockdown deed hij ontsnappingspogingen om zijn geliefde weer te zien.
    Zo’n roman biedt een nieuwe gezichtshoek om het huidige coronabeleid te bezien. Moeten kwetsbare bewoners van een inrichting worden beschermd tegen het risico dat een infectie geïmporteerd wordt door buitenstaanders die (wellicht) geïnfecteerd zijn? Men denke aan bezoekers die geweerd worden uit verpleeghuizen. Of moet de buitenwereld worden beschermd tegen het risico dat een infectie geëxporteerd wordt vanuit een inrichting waar sommige bewoners (wellicht) geïnfecteerd zijn? Men denke aan de bewoners van een residentieel zorg- of gevangeniscomplex die belet worden het complex te verlaten (of aan de passagiers en bemanning van een geïnfecteerd cruiseschip dat belet wordt ’s lands havens aan te doen)?
    POSTSCRIPTUM 1: In de roman van Albert Camus werd dus een cordon sanitaire om de geïnfecteerde stad Oran gelegd teneinde te voorkomen dat de gebieden daarbuiten besmet zouden worden. In opdracht van de nationale gezondheidsautoriteiten werd het besmette gebied geïsoleerd van de buitenwereld. Vanuit hun optiek bezien, kan deze vorm van indamming offensive containment worden genoemd (Oxford Textbook of Infectious Disease Control, 2013). Maar een cordon sanitaire kan ook op een andere manier worden ingezet. In vroeger tijd trachtten de Italiaanse stadstaten zich tegen overzeese epidemieën te beschermen door een cordon sanitaire te handhaven dat de gehele Italiaanse kustlijn omspande. Vanuit hun optiek bezien, kan dit een strategie van defensive isolation worden genoemd.
    In verband met de coronacrisis hebben de Nederlandse gezondheidsautoriteiten een cordon sanitaire om verpleeghuizen gelegd. In eerste instantie dacht ik dat ze zodoende de bewoners tegen infectie wilden beschermen (defensive isolation), maar ik vind dat ze zich daarover niet duidelijk genoeg hebben uitgesproken. In hoeverre hebben hier ook andere motieven meegespeeld, bijvoorbeeld in de sfeer van offensive containment?
    POSTSCRIPTUM 2: Er wordt een onderzoek gestart naar de wijze waarop het coronavirus zich verspreidt binnen verpleeghuizen (NOS 27/4/2020). Cees Hertogh, hoogleraar ouderengeneeskunde aan het Amsterdam UMC, bericht dat het vaststaat dat het virus is binnengekomen via het personeel, maar dat de sector bij de toebedeling van testen en beschermingsmiddelen helemaal achterin de rij stond. Dat wordt bevestigd in een recenter NOS-bericht (9/5/2020).
    POSTSCRIPTUM 3: Vandaag, donderdag 14 mei, twee volle pagina’s (14 en 15) in de papieren Volkskrant: Gevangenen voelen zich als ratten in de val (VK 13/5/2020).
    POSTSCRIPTUM 4: Het journalistieke platform Welingelichte Kringen (20/5/2020) attendeert op een BBC-bericht dat zieke ouderen verwaarloosd lijken te zijn in de Zweedse bestrijding van het coronavirus. En Tubantia (23/5/2020) laat een geriater aan het woord: bij de bestrijding van het coronavirus zijn niet de juiste prioriteiten gesteld.

  2. Wes Holleman zegt:

    Het landelijke Veiligheidsberaad heeft vandaag laten weten dat studenten die een gezamenlijk huishouden voeren, gevrijwaard worden van boetes, tenzij ze zich samenscholend in de publieke ruimte bevinden (Ad Valvas 20/4/2020). Volgende vraag is dan in hoeverre grasvelden bij studentenflats tot de publieke ruimte behoren.
    De gemeente Delft heeft het beleid trouwens al eerder trachten te verduidelijken (TU Delta 17/4/2020).