NRC-Handelsblad: wat doet de inspectie?

EĆ©n van de protestants-christelijke basisscholen in Staphorst is genoemd naar ds. Harmen Doornveld (van 1884 tot 1886 predikant van de Nederlands-hervormde gemeente aldaar). Het is een vernieuwingsschool: in 1993 was zij een van de initiatiefnemers van het BAS-project. Dat is een NT2-methode om streektaalsprekers algemeen beschaafd Nederlands te leren. De meeste leerlingen zijn namelijk van eenvoudige komaf en hebben bij binnenkomst grote taalachterstanden op het gebied van Standaardnederlands, mede door hun smalle wereldoriĆ«ntatie. Inmiddels, vijftien jaar later, haalt de gemiddelde leerling in groep 8 een CITO-score die boven het lan­delijk gemiddelde ligt. Toch wordt de school door de Onderwijsinspectie in gebreke gesteld. De school geeft namelijk klassikaal onderwijs. Aan de leerlingen wordt volgens de inspectie ‘onvoldoende verantwoordelijkheid voor de organisatie van hun eigen leerproces [gegeven,] die past bij hun ontwikkelingsniveau.’
Waar bemoeit de inspectie zich eigenlijk mee? Dat is de discussievraag die de web­redactie van NRC-Handelsblad dit weekend aan haar lezers heeft voorgelegd. Het startschot voor deze discussie is gegeven door Presley Bergen (bestuurslid van BON). De bovenstaande casus is ook van hem afkomstig. Hij verwijt de onderwijsinspectie dat zij scholen dicteert hoe ze les moeten geven en dat ze hun daarbij de principes van Het Nieuwe Leren oplegt.
Lees verder … (PDF)

4 reacties op “NRC-Handelsblad: wat doet de inspectie?”

  1. Wes Holleman zegt:

    In het Toezichtkader Primair Onderwijs 2005 (p.33) wordt de volgende toelichting gegeven bij het beoordelingscriterium dat door de inspectie gehanteerd wordt.
    De leerlingen hebben verantwoordelijkheid voor de organisatie van hun eigen leerproces die past bij hun ont­wikkelingsniveau: In de groepen is sprake van vormen van zelfverantwoordelijk leren door de leerlingen. Afhanke­lijk van het ontwikkelingsniveau van de leerlingen wordt binnen het onderwijsleerproces structureel aandacht besteed aan achtereenvolgens de ontwikkeling van zelfstandig werken, van zelfstandig leren en van eigen verantwoordelijkheid door leerlingen. De leerlingen worden daarbij begeleid door de leraar en werken met leermiddelen die zelfstandig leren en werken mogelijk maken. Leerlingen kiezen zelf taken en activiteiten, plannen zelf activiteiten en evalueren zelf het effect van de activiteiten.
    Presley Bergen heeft een punt: door een dergelijke specificatie wordt de didactische inrichtingsvrijheid van de school inderdaad in vérgaande mate beperkt.

  2. Wes Holleman zegt:

    Uit een bericht in De Stentor (15/11/2008) blijkt dat de Doornveldschool niet alleen in 2006 een onvoldoende op ‘zelfstandig werken’ haalde (zoals men op de inspectiesite kan constateren), maar ook bij het themaonderzoek Taalonderwijs, in het kader waarvan de school op 4 maart jongstleden werd bezocht.

  3. Wes Holleman zegt:

    In het dagblad Trouw (11-11-2008) geeft Iris Pronk een overtuigende illustratie van het nut van klassikaal onderwijs voor streektaalsprekers. Het gaat over het pilotproject Spraakmakend voor nul- tot vierjarigen in Oost-Groningen.

  4. Wes Holleman zegt:

    In het Reformatorisch Dagblad (13/2/2009) besteedt L. Vogelaar opnieuw aandacht aan de succesvolle didactiek van de Doornveldschool.