Politieke emoties op school

Mogen scholen zich laten meedrijven met de nationale emoties van Je suis Charlie? Of hebben zij veeleer tot taak de leerlingen objectief te informeren en kritisch te leren nadenken? Op de geschiedkundige website Historiën (9/1/2015) schreef Carlijn Jacobs over de definitie van het woord Terrorisme. Waar de één van terroristen spreekt, heeft de ander ’t over vrijheids­strijders die het zelfbeschikkingsrecht van hun broeders verdedigen. Dat is een kwestie van perspectief, legt Jacobs uit.
In 1956 werd Léon Jungschläger, directielid van de Koninklijke Paketvaart-Maatschappij, in Jakarta ter dood veroordeeld wegens vermeende deelname aan een terroristische samenzwering tegen de Republiek Indonesia. Een week later stierf hij een natuurlijke (?) dood. Overal in Nederland gingen de vlaggen halfstok. Onze geschiedenislerares, juffrouw Varekamp, weigerde ons toelichting te geven op de gebeurtenissen: dat moet je maar aan je ouders vragen. Was dat verstandige terughoudendheid of gebrek aan professionele moed?
Behoort het tot de professionele opdracht van docenten Geschiedenis en Maatschappijleer om actuele gebeurtenissen in de klas tegen het licht te houden? Moeten zij hun leerlingen onder ogen brengen dat onder het vaandel ‘Je suis Charlie’ drie boodschappen worden uitgedragen: a) Ik sta pal voor de democratische persvrijheid, b) Ik sta pal voor het recht van journalisten en cabaretiers om minderheidsgroepen met een brede grijns te kwetsen en vernederen, en c) Ik sta pal voor míjn recht hen vervolgens met opgetogen applaus te belonen? Moet een professionele docent uitleggen waarom de speelfilm The Interview anno 2014 (anders dan Johnson Moordenaar anno 1965) geen strafbare belediging van een bevriend staatshoofd is? Moeten leraren samen met hun leerlingen uitzoeken hoe de kinderen van de vaderlandsgetrouwe Molukse strijders tot terroristische treinkapers werden, hoe de bevriende Afghaanse vrijheidsstrijders naderhand tot terroristische vijanden zijn gebombardeerd, en de PKK-terroristen tot waardevolle bondgenoten? En moeten professionele leraren een discussieles besteden aan de beweegredenen van de Nederlandse (waaronder joodse) strijders in de Spaanse Burgeroorlog (1936/39), de verzetsstrijders tijdens WO-II (1940/45), de oostfrontstrijders (idem), de Korea­vrijwilligers (1950/53), en de Nederlandse huurlingen in het Franse Vreemdelingen­legioen?

14 reacties op “Politieke emoties op school”

  1. Wes Holleman zegt:

    Ik heb het hierboven gehad over het reguleren van politieke emoties op school. Iets heel anders is dat scholen een belangrijke functie kunnen hebben in het opvangen van de leerlingen in de persoonlijke emoties (zoals angst en afschuw) die teweeg worden gebracht door terroristische aanslagen.

  2. Wes Holleman zegt:

    Trouw (2/11/1996) publiceerde een informatief artikel over Nederlanders in de Spaanse internationale brigades.

  3. Wes Holleman zegt:

    Met Je suis Charlie wordt natuurlijk ook een vierde boodschap uitgedragen: Jullie, terroristen, staan pal voor het recht op zelfbeschikking van de arabieren en moslims in het Nabije en Midden-Oosten. Maar weet dat wij pal staan voor onze geopolitieke, olie- en scheepvaartbelangen, voor de belangen van de staat Israël, en voor onze nationale normen en waarden (waaronder de democratische persvrijheid). Weet dat wij de aanslag op Charlie Hebdo (en op een joodse supermarkt) als regelrechte aanslag op onze Westerse samenlevingen beschouwen.

  4. Wes Holleman zegt:

    Wat zeggen Nederlandse edubloggers ervan? Marcel Kesselring (8/1/2015) vindt dat dit soort gebeurtenissen in de klas besproken moet worden. VO-docent Ankie Cuijpers (12/1/2015) steunt het idee dat je de actualiteit in je lessen moet brengen. Mbo-docent Willem van Dinther (11/1/2015) gaf zijn klas gelegenheid tot een open gedachtenwisseling over de aanslagen. Maar Marcel Schmitz (10/1/2015) heeft het gevoel dat je als hbo-docent tegenover je studenten geen politieke standpunten moet ventileren. Muriel Warners (11/1/2015), ten slotte, vertelt hoe de zoon van Sofie op de berichtgeving reageerde.
    Wilfred Rubens (8/1/2015) is van oordeel dat de vrijheid van meningsuiting van narren (zoals Charlie Hebdo) beschermd moet worden, mits bestuurders en politici (metaforisch aangeduid als ‘de koning’) hun verantwoordelijkheid nemen om met wijsheid leiding te geven aan de meningsvorming. Karin Winters (11/1/2015) zegt dat ze wel iets beters te doen heeft dan te protesteren tegen de terroristische aanslag op de karikaturisten van Charlie Hebdo: zij protesteert liever tegen fundamentelere inbreuk op de vrijheid van meningsuiting. Hbo-docent Sylvia Schouwenaars (11/1/2015) wijdt een blog aan vrijheid van meningsuiting, censuur en zelfcensuur.

  5. Wes Holleman zegt:

    In het kader van haar actualiteitencolleges Academic Forum organiseert de Universiteit Tilburg morgen een discussie­bijeenkomst waarin ‘ongemakkelijke vragen’ behandeld worden naar aanleiding van de Parijse gebeurtenissen (Nationale Onderwijsgids 12/1/2015). Zoiets bedoel ik eigenlijk.

  6. Wes Holleman zegt:

    Journalist Stevo Akkerman (Trouw 12/1/2015) wijst, evenals Wilfred Rubens, op het verschil tussen juridische vrijheid van meningsuiting en de morele plicht van opinion leaders daarvan op verantwoordelijke wijze gebruik te maken. Hij refereert onder meer aan het hufterige gedrag van Theo van Gogh (je weet wel, die Martelaar van het Vrije Woord die moslims consequent ‘achterlijke geiteneukers’ noemde).

  7. Wes Holleman zegt:

    Op de website Republiek Allochtonië vind je interessante reacties op de Parijse gebeurtenissen.
    Bart Voorzanger: bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van satirische uitingen moet je goed kijken of het machtigen dan wel machtelozen zijn die op de hak worden genomen (gewone moskeegangers behoren tot de machtelozen, die ernstig geschokt worden door het afbeelden van mensen (bv. Mohammed), die door God naar Zijn beeld en gelijkenis geschapen zijn.
    Linda Duits: welke boodschap dragen de Je suis Charlie demonstranten uit? Volgens haar zijn dit soort demonstraties in eerste instantie emotioneel en boodschaploos.

  8. Wes Holleman zegt:

    L’Amour plus fort que la haine. Deze tekst werd op 8/11/2011 gepubliceerd door Charlie Hebdo. Op de bijbehorende spotprent is een tekenaar van dit weekblad afgebeeld, in innige homoseksuele omhelzing met een moslim. Een leraar van een middelbare school in Heemskerk had deze tekst een dezer dagen als verzoenende boodschap opgehangen, maar gezien de dubbelzinnige afbeelding vond de directie dat toch geen goed idee (De Telegraaf 14/1/2015).
    Waarom is de affiche dubbelzinnig? Het tekstblok suggereert dat naastenliefde (en verdraagzaamheid) tussen mensen, bevolkingsgroepen of volkeren de haat overwint, maar de afbeelding vernauwt naastenliefde tot erotische liefde tussen personen. En als je goed kijkt is de boodschap dat de homoseksuele aantrekkingskracht tussen spierwitte Franse mannen enerzijds en getinte Arabische mannen anderzijds hun wederzijdse haat overwint. Waarbij de onuitgesproken ondertitel luidt: Laat je homoseksuele gevoelens niet onderdrukken door onverdraagzame orthodox-godsdienstige geboden en vooroordelen.

  9. Wes Holleman zegt:

    Nieuws in de klas (12/1/2015) verzamelde lestips over de Parijse gebeurtenisssen.

  10. Wes Holleman zegt:

    Zij had, na haar driejarige bacheloropleiding Politicologie, een eenjarige kopleiding tot tweedegraads leraar Maatschappijleer afgerond en werd vervolgens, afgelopen najaar, als onbevoegde leraar Nederlands op een ‘zwarte’ vmbo-school aangenomen. Deze week (15/1/2015) deed ze als kersverse leraar verslag van haar poging een klassegesprek over de aanslag op Charlie Hebdo te voeren. De politiek geïnspireerde aanslag door twee Franse, soennitische moslims van Noord-Afrikaanse komaf, kleinkinderen van de Algerijnse vrijheidsstrijd, tegen een hoofdredacteur die op de dodenlijst van Al Qaida stond, deed zij gemakzuchtig als een moorddadige actie van twee gekken af. Minister Bussemaker (AD 15/1/2014) deed evenmin moeite zich in de verscheurde belevingswereld van moslimleerlingen te verplaatsen: zo’n klassegesprek kan volgens haar ook over respect en vrijheid van meningsuiting gaan. Mogen leraren daarbij tevens ingaan op de respectloze (zo niet haatzaaiende) wijze waarop het weekblad zijn wettelijke vrijheid van meningsuiting misbruikt om arabische moslims (waaronder hun profeet Mohammed) als loenzende scharminkels of kindermisbruikers weg te zetten?

  11. Wes Holleman zegt:

    De Franse Minister van Onderwijs heeft verklaard dat de vrijheid van meningsuiting van leerlingen aan banden moet worden gelegd, als ze weigeren de aanslag op Charlie Hebdo categorisch te veroordelen. De NY Times (22/1/2015) citeert: ‘Any behavior which will question the values of the Republic and the authority of the teacher, will be systematically signaled to the school principal and followed by an educational dialogue with parents.’

  12. onderwijsethiek.nl » Blog Archive » Kleurrijk leraarschap zegt:

    […] risico’s van interculturele polarisatie en interculturele radicalisering. Onlangs schreef ik een blogbericht over de vraag hoe scholen met de recente politieke emoties omgaan. Daarop aansluitend signaleerde […]

  13. onderwijsethiek.nl » Blog Archive » Politieke emoties op school (II) zegt:

    […] Politieke emoties op school (II) […]

  14. Wes Holleman zegt:

    Achterstallig leesvoer: Vrij Nederland (24/1/2015) schreef over geweld In naam van God, het recente boek van Karen Armstrong. Dat is een aardig onderwerp voor een actuele les over onze vaderlandse geschiedenis. Welke rol speelde het calvinisme (een fundamentalistische protestbeweging binnen het West-Europese christendom) in de Tachtigjarige Oorlog? In hoeverre was het een ideologisch vehikel in de opstand tegen de (rooms-katholieke) Spaanse overheerser? Fungeerde het tevens als vehikel in een burgeroorlog tegen de (rooms-katholieke) bezittende klasse of tegen de seculiere machtspositie van de R.K. Kerk in de Nederlanden?