Tariq Ramadan: academische vrijheid (IV)

De Rechtbank te Rotterdam heeft op 11/8/2010 gevonnist dat de Gemeente Rotterdam vorig jaar niet onrechtmatig heeft gehandeld door het contract met Tariq Ramadan op te zeggen en dat zij hem geen schadevergoeding verschuldigd is. Het contract hield in dat hij werkzaamheden voor de Gemeente zou verrichten en dat zij hem zolang die werkzaamheden voortduurden tevens als gasthoogleraar bij de Erasmusuniversiteit zou aanstellen, op de leerstoel Identiteit & Burger­schap. Het contract werd opgezegd omdat hij een religieus TV-programma verzorgde bij een Londens TV-station dat gesponsord wordt door een bedenkelijk regiem (Iran). Ik kan me daar wel iets bij voorstellen: in de ogen van de Gemeente had hij daardoor zijn geloofwaardigheid als uitvoerder van door de Gemeente opgedragen werkzaamheden verspeeld.
Maar waarom heeft Tariq Ramadan zijn juridische pijlen niet op de Universiteit gericht? Zij verklaarde op 19/8/2009 in een persbericht dat zij de samenwerking met de gasthoogleraar beĆ«indigde omdat zijn geloofwaardigheid als hoogleraar was aan­getast door zijn bemoeienis met de gewraakte TV-zender. Dat sloeg werkelijk nergens op. Het behoort tot de mensenrechten en de academische vrijheid van wetenschap­pers dat zij hun opvattingen via welk medium dan ook mogen verkondigen. Het is absurd de samenwerking op te zeggen enkel en alleen omdat de hoogleraar een ‘verkeerd’ medium zou hebben gekozen. Tariq Ramadan heeft dus wel enige reden de Universiteit te verwijten dat zij hem in zijn weten­schap­pelijke eer en goede naam heeft aangetast met haar stelling dat hij zijn geloofwaardigheid als docent en onder­zoeker had ondergraven door zijn bemoeienis met een door Iran gesponsord medium. Hij kan de Universiteit bovendien voor de voeten werpen dat er geen zakelijke reden was voor een inhoudelijke stellingname. Zij had zich kunnen beperken tot de neutrale aankondiging dat zij het besluit van de Gemeente Rotterdam zou respecteren en dat ze geen andere financiĆ«le bronnen zou aanboren om het gasthoogleraar­schap te continueren.

Eén reactie op “Tariq Ramadan: academische vrijheid (IV)”

  1. Wes Holleman zegt:

    Erasmus Magazine (11/8/2010) bericht: ‘De claim van Ramadan (…) tegen de universiteit wegens reputatieschade, ligt er nog.’ ‘Onbekend is wanneer er meer duidelijkheid komt over de claim die Ramadan bij de universiteit heeft neergelegd. Ramadan was niet in dienst van de universiteit, maar werd voor zijn werkzaamheden als gasthoogleraar betaald door de gemeente.’
    UPDATE I: Erasmus Magazine (31/10/2011) bericht over de voortgang in deze civiele rechtszaak.
    UPDATE II: Trouw (9/11/2012) bericht dat Ramadan in hoger beroep is gegaan tegen de Gemeente en dat die zaak nog loopt. De civiele zaak tegen de EUR bij de Rotterdamse rechtbank is door Ramadan gewonnen.