The day will come

Deze week gaat de Deense film The day will come in Nederlandse première. Het gaat over een internaat, ver van de bewoonde wereld, voor moeilijk opvoedbare jongens. De film is gebaseerd op historische feiten uit de jaren 1960 (men denke aan de barbaarse tijd van de Magdalena Sisters). De broertjes Erik en Elmer worden in het internaat geplaatst door Jeugdzorg omdat hun alleen­staande moeder de opvoeding niet aankan. Ze komen van de regen in de drup: een sadistisch tuchthuisregiem. Maar het toeval wil dat er net in die tijd een goedwillende, zachtmoedige lerares, Lilian, solliciteert. Eerst laat zij zich nog een rad voor de ogen draaien: het harde regiem zou nodig zijn om de jongens tot oppassende burgers te vormen. Langzamerhand beseft ze evenwel dat de jongens geestelijk en lichamelijk gemarteld worden. De druppel die bij haar de emmer doet overlopen is dat Elmer op een nacht ver­kracht bleek te zijn. En zijn oudere broertje Erik heeft het gezagsondermijnende lef te beweren dat niemand van de jongens het gedaan heeft. Lilian zegt haar baan op, pakt haar koffers en weet de functie van docent te bemachtigen aan een lerarenopleiding in Kopenhagen. En op het internaat woekeren de misstanden voort.
Ik vond het moeilijk naar zoveel mishandeling en machtsmisbruik te blijven kijken. Volgens mij is het nergens goed voor om dat als bioscoopbezoeker zeven kwartier lang te moeten verdragen. Maar achteraf vind ik het helemáál onverteerbaar dat de regisseur geen enkele moeite doet de professionele verantwoordelijkheden van de leraar (Lilian) te problematiseren. Het valt te begrijpen dat ze het mensonterende opvoedingsklimaat ontvlucht, maar het is schokkend dat ze gewoon de deur achter zich dicht trekt en de jongens aan hun lot overlaat. Waarom heeft ze, teruggekeerd in Kopenhagen, niet de professionele moed kunnen opbrengen aan de bel te trekken bij de Inspectie Jeugdzorg? Met haar getuigenverklaring had zij de wereld wakker kunnen schudden.

Eén reactie op “The day will come”

  1. Wes Holleman zegt:

    Het is niet mijn bedoeling het gedrag van de lerares Lilian te veroordelen. Iemand die zich als klokkeluider opwerpt, neemt immers ontzaglijk grote persoonlijke risico’s. Maar ik neem het de scenarioschrijver en regisseur kwalijk dat ze aan dit professionele dilemma en het resulterende schuldgevoel geen enkele aandacht schenken in hun script.