Beheersing van de bedrijfscontinuïteit (III):
afstandsonderwijs als back-up

In welke richting moet het hoger onderwijs zich ontwikkelen? Mei 2018 werd door de Neder­landse universiteiten en hogescholen een vierjarig project opgezet: het Versnellingsplan Onderwijs­innovatie met ICT. Doel is een krachtige impuls te geven aan de invoering van Informatie- en CommunicatieTechnologie in het hoger onderwijs. Het ministerie van OCW en SURF spelen een cruciale rol in de projectorganisatie. Halverwege kreeg het Versnellings­project een onverwachte duw in de rug: door de Corona­crisis moesten de universiteiten en hogescholen hun deuren sluiten en op afstandsonderwijs overstappen. Dat vereiste veel impro­visatie, want het ontbrak hun aan tijd en ervaring om tot een weldoordacht onderwijsontwerp te komen. De Open Universiteit (OU) was de enige bekostigde instelling die sinds 1984 ruime ervaring had opgedaan met het ontwerpen en organiseren van afstands­onderwijs voor deeltijdstudenten. In de eerste decennia mikte zij daarbij op schriftelijk onderwijs, maar vanaf 2005 maakte zij ook hoe langer hoe meer gebruik van de mogelijkheden die de informatie- en communicatietechnologie biedt.
Het hoger onderwijs staat nu op een tweesprong die er op het eerste gezicht aldus uitziet. a) Keren we na de Coronacrisis terug naar het Oude Normaal: de nadruk ligt op contact­onderwijs, maar dat wordt aangevuld met ICT voor zover dat tot betere diensten aan studenten, tot hogere kwaliteit van de afgestudeerden of tot lagere opleidingskosten leidt? Of kiezen we voor b): we zetten de doelen van het Versnellingsproject centraal in ons onderwijsbeleid voor de komende decennia.
Maar bij nader inzien denk ik dat we de tweesprong iets specifieker moeten definiëren. a) Keren we terug naar het Oude Normaal (verrijkt met ICT)? Of kiezen we voor b): we moeten ervoor zorgen dat het hoger onderwijs minder kwetsbaar wordt voor calami­teiten zoals de Corona­crisis. Oftewel: hoe kunnen we voorkomen dat het hoger onderwijs in geval van calamiteiten ontwricht wordt? Hoe kunnen we als onderwijsinstelling onze bedrijfscontinuïteit verbeteren als er ontwrichtende calamiteiten optreden? En hoe kunnen we de benodigde hersteltijd in zo’n geval bekorten, zodat de studievoortgang en het welzijn van studenten zo min mogelijk ge­schaad wordt en dat extra studievertraging voorkomen wordt?
Lees verder … (PDF)

3 reacties op “Beheersing van de bedrijfscontinuïteit (III):
afstandsonderwijs als back-up”

  1. Wes Holleman zegt:

    Ik weifel een beetje over de vertaling van Reshape (in de tweede alinea van paragraaf 6). Ik koos voor Her-vorming (weer in een meer-definitieve vorm brengen). Maar er is ook iets te zeggen voor Consolidatie (in de zin van: weer duurzamer maken).

  2. Wes Holleman zegt:

    Ik had het kunnen weten. Je mag het Beheersing van de bedrijfscontinuïteit noemen (Business Continuity Management), maar in onderwijsland is er al een geijkte term voor: ACADEMIC CONTINUITY PLANNING. Zie bijvoorbeeld Claudine SchWeber (2013).

  3. Wes Holleman zegt:

    Het Albeda College, de grootste mbo-instelling van de Rotterdamse regio, gaat met ingang van het studiejaar 2021-2022 minder les-uren in de klas en meer les-uren online inroosteren (AD 21/6/2021, 22/6/2021; Nationale Onderwijsgids 22/6/2021). Naar aanleiding van de berichten in het Algemeen Dagblad kwam het Albeda College vandaag ook met een eigen persverklaring.